3. Beleid en regels

Schoolregels

Wij willen graag een fijne school zijn met een goed leer- en werkklimaat. Om dit te bereiken hebben we onder andere een aantal regels afgesproken:

ONS reglement

  • Bij de eerste bel mogen de leerlingen naar binnen.
  • Bij de tweede bel moeten ze op hun plaats zitten.
  • In de hal of gang wordt rustig gelopen.
  • Als er gewerkt wordt in de hal fluistert iedereen.
  • Op het schoolplein wordt niet gefietst.
  • Fietsen staan op de aangewezen plaats.
  • Op het kleine plein bevinden zich alleen kleuters (ook voor en na schooltijd).
  • Drinken vindt plaats in de klas.
  • In de pauzes gaan alle leerlingen naar buiten (m.u.v. slecht weer).
  • We houden het schoolplein netjes.
  • Kinderen, die binnen blijven, mogen dat alleen met toestemming van de leerkracht. Dit geldt ook voor het eerder binnenkomen.
  • Kopiëren door leerlingen gebeurt alleen met toestemming van de leerkracht.
  • Er mogen geen stickers op tafels of stoelen worden geplakt.
  • Vloeken, grove, schunnige en discriminerende taal worden absoluut niet getolereerd. Dit geldt ook voor pestgedrag.
  • Het is niet toegestaan met skeelers / waveboards etc. naar de gymzaal te gaan.
  • Roken is voor iedereen verboden (zowel binnen als op het plein). Dit geldt ook voor het bezit van vuurwerk, aanstekers en messen.

Voor een positief klimaat hebben we nog 6 gouden regels waarvan er iedere keer één in het bijzonder de aandacht krijgt.

6 Gouden regels

  • Op school groeten wij elkaar als een vriendelijk gebaar.
  • Iets fout gedaan? Sorry zeggen, zou niet misstaan.
  • Wij zorgen voor elkaar en anderen, daar hoeven we niets aan te veranderen.
  • Pesten is nooit goed. daarom spreken we af dat niemand het doet.
  • Respect laat je blijken door tijdens een gesprek elkaar aan te kijken.
  • Je scoort met een vriendelijk woord. Zegt het voort.

Pestprotocol

Wij hanteren een pestprotocol inclusie een peststappenplan. Vanaf groep 3 worden de bijbehorende tien gouden regels in het begin van het schooljaar in iedere groep met de kinderen besproken. De regels zijn aanwezig in alle klassen. Bekijk ons (verkorte) pestprotocol:

Schooltijden

Gelijke schooltijden

De schooltijden zijn voor alle groepen hetzelfde.

Groep 1 t/m 8

Maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag:

08.45 – 12.00 uur
13.15 – 15.30 uur

Woensdagmorgen:

– 08.45 uur – 12.30 uur

Op woensdagmiddag vrij.

Door het hanteren van bovengenoemde schooltijden, voldoen wij aan de wettelijke eis om de leerlingen van de groepen 1 tot en met 4 totaal minimaal 3.520 uur en voor de groepen 5 tot en met 8 totaal 4.000 uur onderwijs te bieden.

Extra vrije (mid)dagen

De leerlingen van groep 1 t/m 4 moeten per week 23 uur op school zijn. Omdat het systeem van gelijke schooltijden gehanteerd wordt, blijft er naast de woensdagmiddag nog een extra vrije middag over. De groepen 1 t/m 4 zijn iedere vrijdagmiddag en op een aantal dagen extra vrij.

Het binnenbrengen van de kinderen

De leerlingen van groep 1 en 2 mogen 10 minuten voor het begin van de lessen naar binnen. De leerkracht is dan in het lokaal aanwezig.

De ouders mogen hun kind(eren) naar binnen brengen. Wel verwachten wij, dat u bij aanvang van de lestijden de school weer verlaat!

Vanaf groep 3 verwachten wij dat de leerlingen zelfstandig naar hun lokaal gaan. Zij kunnen 5 minuten voor aanvang van de lessen naar binnen. De leerkracht is dan in het lokaal aanwezig. De eerste week mogen de ouders de leerlingen van groep 3 nog naar de klas begeleiden. Daarna is alleen, tot de kerstvakantie, de woensdag hiervoor gereserveerd.

Pauze

De pauzes voor de groepen 3 t/m 8 zijn verdeeld over twee tijden:

  • Groep 4, 6, 8 van 10.15 uur tot 10.30 uur
  • Groep 3, 5, 7 van 10.35 uur tot 10.50 uur

Tijdens de pauze is er toezicht door de leerkrachten. Dit is ook voor aanvang van de school het geval. In de pauze kunnen de kinderen iets eten of drinken. Ze nemen dit van thuis mee.

De woensdag is uitgeroepen tot fruitdag. Snoep e.d. zijn dan niet toegestaan.

De kleuters houden iedere middag een extra pauze. Zij kunnen dan hun meegebrachte drinken of fruit (schoongemaakt) opeten of drinken.

Op zeer warme dagen wordt er soms voor iedereen ’s middags een extra pauze ingelast.

Schoolplein

De kinderen mogen voor en na schooltijd op het plein spelen. Als het plein afgesloten is, mag er niemand meer op dit plein zijn!

Dit geldt ook voor de vakanties en de vrije dagen.

Sponsoring

Onze school is zeer terughoudend ten aanzien van structurele sponsoring door het bedrijfsleven. In de afgelopen jaren heeft af en toe een onderneming, rond het realiseren van een project, een schenking in natura gedaan. De advertenties in de schoolkrant worden door de bedrijven betaald en zijn bedoeld om de kosten van de krant te verlagen.

Op geen enkele wijze aanvaardt de school uit bovengenoemde activiteiten voortkomende verplichtingen, die de goede gang of kwaliteit van het onderwijs aantasten.

Aansprakelijkheid

Vernielingen aan jassen, fietsen e.d. door medeleerlingen zijn niet op school te verhalen.

In principe zijn de leerlingen, die de schade veroorzaken, aansprakelijk. Wel zullen we de betrokken ouders op de hoogte stellen. Dit geldt alleen voor gebeurtenissen die tijdens schooltijd plaatsvinden.

De school heeft een aansprakelijkheidsverzekering voor het geval, dat er met uw kind iets gebeurt door nalatigheid van de groepsleerkracht.

Veiligheidsplan

Er is er voor de school een veiligheidsplan opgesteld, waarin onder andere vermeld staat hoe de veiligheid van leerlingen en medewerkers vergroot en gewaarborgd kan worden. Hieruit voortkomend worden er jaarlijks ontruimingsoefeningen gehouden. Tevens wordt het gevoel van welbevinden regelmatig besproken met leerlingen en medewerkers.

Veiligheidscoördinator

Het bijdragen aan veiligheid (fysiek en sociaal) is een verantwoordelijkheid van iedereen binnen onze school. Alle medewerkers en alle leerlingen moeten bijdragen aan een veilige leeromgeving waarin grensoverschrijdend gedrag tijdig wordt gesignaleerd en gecorrigeerd.
De veiligheidscoördinator is het centrale aanspreekpunt voor sociale veiligheid; nadat de leerkracht van de betreffende leerling(en) op de hoogte is gebracht.
Coördinator (fysieke en sociale) Veiligheid bij ONS:
M. van Zijl – Speksnijder (mvzijl@ons-stolwijk.nl)

Privacy persoonsgegevens

Persoonsgegevens

Alle persoonsgegevens worden door de school met grote zorgvuldigheid beheerd.

Alleen bevoegde medewerkers hebben toegang tot deze gegevens. Zonder toestemming van betrokkenen worden er geen gegevens aan derden verstrekt.

Foto/video opnamen

Wanneer ouders bezwaar hebben tegen het nemen van foto- en/of filmopnamen van hun kind(eren) en het plaatsen ervan op de website, dan kunnen zij dit middels het aanmeldingsformulier of tussentijds kenbaar maken bij de directie.

Leerplicht

Toelating tot de basisschool

Om als leerling tot een basisschool te worden toegelaten, moet een kind de leeftijd van vier jaar hebben bereikt.

• De kerkelijke betrokkenheid wordt mede als toelatingscriterium gehanteerd. Minimaal één van de ouders/verzorgers wordt geacht meelevend lid (regelmatig bijwonen kerkdiensten) van een prot-chr. kerk of groepering te zijn. Ook gaan we ervan uit dat (behalve in geval van één oudergezinnen) de ouders/verzorgers gehuwd zijn.

• De aanmeldingsprocedure voor leerlingen van alle ‘nieuwe’ ouders/verzorgers zal als volgt verlopen: De directie voert met alle nieuwe ouders/verzorgers een intakegesprek. Dit gesprek zal o.a. gaan over de grondslag, het mens/kindbeeld en de dagelijkse onderwijspraktijk. Van dit gesprek wordt een verslag gemaakt dat naar het bestuur wordt toegestuurd. Het bestuur besluit in overleg met de directie of de leerling wordt toegelaten of dat er tot een vervolggesprek wordt overgegaan. Wanneer een leerling wordt toegelaten, worden de ouders hiervan op de hoogte gesteld en ontvangen zij het inschrijfformulier.

• De leerlingen mogen op de eerste schooldag die volgt op hun verjaardag naar school komen, leerlingen die van een andere basisschool komen, worden direct geplaatst.

• Ongeveer een maand voor de eerste schooldag krijgt uw kind een uitnodigingskaart, u ontvangt een vragenformulier over de voorschoolse periode. Bij het eerste schoolgaande kind krijgen de ouders ook de schoolkalender.

• Kinderen die op de basisschool komen, dienen zindelijk te zijn. Het verschonen van een leerling behoort niet tot de taken van een leerkracht.

Het opgeven van leerlingen

Er worden dit cursusjaar twee inschrijfavonden gehouden om nieuwe leerlingen aan te melden.

Ouders zijn dan hartelijk welkom op de ‘Oranje-Nassauschool’ om hun zoon of dochter op te geven. Het betreft die kinderen, die voor 1 oktober 2019 de leeftijd van vier jaar bereiken of anders gezegd: de kinderen die geboren zijn tussen 1 oktober 2014 en 1 oktober 2015. De aanmelding geschiedt lang van tevoren. Dit heeft alles te maken met de prognoses, waarmee we het personeels- en huisvestingsbeleid voor de komende jaren kunnen onderbouwen.

De aanmeldingsavonden vinden begin februari plaats en staan vermeld in het jaarplan. Wilt u zich a.u.b. indien mogelijk aan deze data houden? Als u al kinderen op school hebt, kunt u het inschrijfformulier ook bij de directie opvragen om thuis in te vullen. Met die ouders, die hun eerste kind bij ons op school aanmelden, maken wij graag van tevoren een tijdsafspraak op een van deze beide avonden. Als u telefonisch contact opneemt met de directie, hoort u direct hoe laat u welkom bent!

Leerlingen met handicaps

Op onze school zijn binnen het toelatingsbeleid in principe alle kinderen welkom die behoren tot het normale voedingsgebied van onze school. Wel wordt bij aanmelding bekeken, of verwacht mag worden dat het team dit kind kan begeleiden zonder dat het kind of de andere kinderen daardoor te kort komen. Plaatsing van kinderen met extra zorg en aandacht vallen onder speciale leerlingbegeleiding. (zie 3.10) Dit houdt onder andere in, dat wij accepteren dat leerlingen niet op dezelfde manier en in hetzelfde tempo leren. We gaan uit van verschillen tussen leerlingen bij het kiezen van onze leerinhouden en doelen, waarbij verschillen in differentiecapaciteiten van leraren ook een rol kunnen spelen.

Enkele leerplichtwetbepalingen

1. Een kind is leerplichtig met ingang van de maand, die volgt op die waarin het kind vijf jaar is geworden.

Voorbeeld: Een kind is op 12 maart is 5 jaar geworden. Dan is het kind leerplichtig in de maand april.

2. Een leerling, die nog geen 6 jaar oud is, is voor 5 uren per week vrijgesteld van schoolbezoek. Maken ouders hiervan gebruik, dan moet dit aan de directie gemeld worden. Dit hoeft niet schriftelijk.

Toelichting: In de wet is deze bepaling in eerste instantie opgenomen om jonge kinderen, die het even niet meer aankunnen, op adem te laten komen.

Op verzoek van de ouders kan de directie nog eens extra verlof geven. Dit dient wel schriftelijk aangevraagd te worden. Zie hiervoor de paragraaf over de verlofregeling

3. Alle leerlingen vanaf 6 jaar zijn verplicht tijdens de lestijden op school aanwezig te zijn.

Toelichting: Indien uw kind(eren) door ziekte e.d. niet op school komt/komen, dan verzoeken wij u dit beslist voor 8.45 uur of voor 13.15 uur te melden. Dit kan via een broer(tje) of zus(je), telefonisch of persoonlijk.

Schorsing en verwijdering

Toelichting
Zowel schorsing als verwijdering zijn ingrijpende ordemaatregelen, die door het bevoegd gezag van de school genomen kunnen worden. Het is van belang dat de school transparant is over de aanleidingen waarom de school over zal gaan tot schorsing of verwijdering van een leerling. Deze redenen zijn bij schorsing en verwijdering onderscheiden. Zie verder onder de betreffende kopjes.
De beslissing tot schorsing of verwijdering van een leerling berust bij het bevoegd gezag.

SCHORSING
Redenen om een leerling te schorsen
1. bedreiging door ouder(s)/verzorger(s)
2. herhaalde les-/ordeverstoringen
3. wangedrag tegenover leraren en/of medeleerlingen
4. diefstal, beroving, afpersing
5. bedreiging
6. geweldpleging
7. gebruik van alcohol of drugs tijdens schooltijden
8. bezit van wapens of vuurwerk
9. het zich niet houden aan regels betreffende de identiteit van de school

Leerplicht en inspectie
Bij schorsing van meer dan één dag moet de school de inspectie met opgave van redenen op de hoogte stellen. Overwogen kan worden om ook de leerplichtambtenaar te informeren.
Voortgang van het onderwijs
Een geschorste leerling blijft ingeschreven op de school. De school heeft de plicht te zorgen dat de schorsing geen onderwijsachterstand veroorzaakt. Dit kan bijvoorbeeld door het meegeven van huiswerk.

Protocol
1. De beslissing over de schorsing van een leerling wordt genomen door het bevoegd gezag.
2. Indien het besluit tot schorsing is gemandateerd aan de directeur van de school, informeert de directeur het bevoegd gezag met opgaaf van redenen van zijn besluit tot schorsing van een leerling
3. Een schorsing wordt schriftelijk met opgaaf van redenen met de ouders gecommuniceerd. Ook worden de ouders in dit schrijven gewezen op de mogelijkheid om bezwaar te maken.
4. Afhankelijk van de reden van schorsing kan overwogen worden om de ouders zo spoedig mogelijk uit te nodigen voor een gesprek met de school, waarbij de leraar van de groep en de directeur aanwezig zijn. Van dit gesprek wordt een verslag gemaakt.
5. Een leerling mag voor ten hoogste één week worden geschorst.
6. Als er sprake is van nieuw incident kan een leerling opnieuw worden geschorst.

VERWIJDERING
Redenen om tot verwijdering van een leerling over te gaan
Er kunnen diverse redenen zijn om een leerling van school te verwijderen:
a. De school kan niet meer tegemoetkomen aan de ondersteuningsbehoeften van een leerling.
b. Er is sprake van wangedrag van de leerling en/of de ouders.
c. Het gedrag en/of opvattingen van de leerling en/of de ouders is/zijn in strijd met de grondslag van de school.

Aanvullende eisen wat betreft verwijderen, omdat de school niet meer tegemoet kan komen aan de ondersteuningsbehoeften van een leerling
Op grond van uitspraken van de Geschillencommissie passend onderwijs kan het bevoegd gezag deze reden om een leerling te verwijderen alleen toepassen, als:
– voor deze leerling een ontwikkelingsperspectief is opgesteld;
– over de inhoud van het ontwikkelingsperspectief overleg is gevoerd met de ouders;
– deskundigen betrokken zijn bij het opstellen van het ontwikkelingsperspectief;
– minstens een half jaar de leerling begeleid is om de doelen van het ontwikkelingsperspectief te realiseren;
– uit de evaluatie van het ontwikkelingsperspectief aantoonbaar is, dat de gewenste ontwikkeling van de leerling ondanks inzet van externe expertise niet gerealiseerd kan worden.

Alleen als er een andere school voor de leerling is
De school mag een leerling alleen verwijderen als een andere school voor de leerling gevonden is. Deze andere school kan een school voor basisonderwijs, speciaal basisonderwijs of speciaal onderwijs zijn.
Leerplicht en inspectie
De leerplichtambtenaar wordt zo veel mogelijk actief betrokken in het proces van verwijderen. Zowel van het hieronder genoemde voorgenomen besluit als het definitieve besluit dient de leerplichtambtenaar op grond van de Leerplichtwet, artikel 18 lid 3te worden verwittigd.
De inspectie wordt op de hoogte gesteld van de verwijdering van een leerling.
Protocol
1. Voordat wordt besloten tot verwijdering van een leerling, hoort het bevoegd gezag de betrokken leraar (of leraren) en maakt van dit horen een verslag.
2. Voordat een bevoegd gezag een leerling verwijdert, deelt hij het voornemen daartoe mee. Dit dient schriftelijk en met redenen omkleed te gebeuren door toezending of uitreiking aan de ouder(s). Daarbij worden de ouders uitgenodigd voor een gesprek. Van dit gesprek wordt een verslag gemaakt.
3. Indien het bevoegd gezag vervolgens (definitief) besluit tot het verwijderen van een leerling, dan wordt dit besluit schriftelijk en met redenen omkleed door toezending of uitreiking aan de ouders meegedeeld. Daarbij wordt de ouders tevens op de mogelijkheid gewezen om binnen zes weken na dagtekening van het besluit hun bezwaren tegen de beslissing bij het bevoegd gezag kenbaar te maken.
4. Het bevoegd gezag beslist binnen een termijn van vier weken na ontvangst van de bezwaren op de door de ouders ingediende bezwaren. Alvorens te beslissen hoort het bevoegd gezag de ouders.
5. Een geschil tussen ouders en het bevoegd gezag van een school, dat ontstaan is in het kader van de definitieve verwijdering van een leerling kan (tevens) door de ouders worden voorgelegd aan de Geschillencommissie passend onderwijs.
6. Indien door de ouders een geschil aanhangig is gemaakt bij de Geschillencommissie passend onderwijs en de ouders (tevens) bezwaar hebben gemaakt bij het bevoegd gezag tegen de verwijdering, neemt het bevoegd gezag de beslissing op het bezwaar niet dan nadat de Geschillencommissie heeft geoordeeld.
7. Het bevoegd gezag van de school die het oordeel van de commissie heeft ontvangen, deelt schriftelijk aan de ouders en aan de commissie mee wat er met het oordeel wordt gedaan. Indien het bevoegd gezag van de school afwijkt van het oordeel van de Geschillencommissie passend onderwijs, wordt in de beslissing de reden voor die afwijking gemeld.
8. Definitieve verwijdering vindt niet plaats dan nadat het bevoegd gezag ervoor heeft zorg gedragen, dat een andere school bereid is de leerling toe te laten.

Onderwijsnummer

Het persoonsgebonden nummer of onderwijsnummer is een uniek nummer voor elke leerling die in Nederland door de overheid bekostigd onderwijs volgt. Dit nummer is gelijk aan het burgerservicenummer en maakt het mogelijk leerlingen beter te volgen. Ouders ontvangen dit nummer een paar weken na de inschrijving van hun kind in de Gemeentelijke Basisadministratie (GBA). Voor leerlingen die om de een of andere reden (nog) geen BSN-nummer hebben, geeft de IB-Groep – in een later stadium – eenmalig een alternatief leerlinggebonden onderwijsnummer uit.

 

Ziekteverzuim

Met betrekking tot ziekteverzuim van leerlingen wil de ONS zich conformeren aan de richtlijn schoolziekteverzuim (CJG). Deze richtlijn beoogt recht te doen aan het kind, de ouders en de onderwijs biedende instantie. In de eerste plaats zijn de ouders verantwoordelijk voor het welzijn van het kind, het werken aan herstel in geval van ziekte en het zo snel mogelijk weer hervatten van het onderwijs. Bij langdurig of frequent verzuim dienen zij gebruik te maken van medische advisering vanuit de Jeugdgezondheidszorg. De school staat voor de taak passend onderwijs te bieden en problemen bij leerlingen vroegtijdig te signaleren. Zij worden als eerste geconfronteerd met het ziekteverzuim en dienen daarop te reageren. In tweede instantie zijn de Jeugdgezondheidszorg en de Leerplicht betrokken en, afhankelijk van de problematiek, ook andere professionals. Wat ouders en school verbindt, is het welzijn van het kind. Op dit punt willen wij als school insteken. Samenwerken is het kernwoord. Om de procedure rond ziekteverzuim inzichtelijk te maken zijn de volgende stappen afgesproken:

  1. Ziekmelding vindt uitsluitend plaats door de ouders
  2. De leerkracht noteert het verzuim in het LVS-Parnassys en monitort de lengte van het verzuim
  3. Bij verzuim langer dan vijf dagen, frequent verzuim en bij vermoedens dat een andere problematiek speelt, doet de leerkracht melding bij de directie
  4. Bij gewoon ziekteverzuim, langer dan vijf dagen, neemt de leerkracht telefonisch contact op met de ouders
  5. Bij verwacht langdurig verzuim, frequent verzuim of bij vermoedens dat een andere problematiek speelt, worden ouders door school voor een gesprek uitgenodigd. Op basis van de gespreksresultaten en de criteria uit de richtlijn bepaalt de school of een leerling in aanmerking komt voor melding bij de Jeugdgezondheidszorg. Dit zal voornamelijk het geval zijn, wanneer er zorgen en vragen zijn rond de ziekte/klachten
  6. In bepaalde omstandigheden moet er door een school melding worden gedaan bij de Leerplicht. Voorbeelden hiervan:
    • De leerling wordt altijd op een vaste dag ziek gemeld
    • De ziekmelding gebeurt achteraf, te laat of door de leerling zelf
    • Er worden herhaaldelijk allerlei vage redenen (hoofd- en/of buikpijn) aangegeven als reden voor ziekmelding
    • Het kind is gesignaleerd buiten de school zonder ziekteverschijnselen
    • Het kind is 80 uur ziek gemeld. Dit kunnen aangesloten uren zijn of uren opgebouwd gedurende het schooljaar

Meldcode Huiselijk geweld en kindermishandeling

De Wet Meldcode Huiselijk geweld en Kindermishandeling verplicht scholen te handelen volgens een meldcode als er een vermoeden bestaat dat een kind mishandeld wordt. Onze school beschikt over genoemde meldcode.

 

Verlofregeling

Het aanvragen van verlof

Wilt u voor uw kind(eren) vrijvragen, dan behoort dat schriftelijk te gebeuren. Dit kan uitsluitend via het formulier van de school, dat u invult.

Aanvraagformulier vrijstelling schoolbezoek (575)

Dit formulier is te downloaden of te verkrijgen bij de directie, het is bestemd voor ouders van leerplichtige kinderen.

Als uw aanvraag voor verlof is ingediend, zal deze door de directie worden behandeld. U krijgt schriftelijk antwoord.

We doen dit om een overzichtelijke administratie bij te houden, zodat we ons ten opzichte van de inspectie en de leerplichtambtenaar kunnen verantwoorden. Op www.ons-stolwijk.nl is de meest actuele folder van Bureau Leerplicht te vinden.

Leerplichtfolder (640)

 

Vrijvragen om familieomstandigheden

De leerplichtwet biedt alleen ruimte voor vrije dagen, als er sprake is van ‘gewichtige omstandigheden’. Daaronder verstaan we onder andere:

  • Huwelijk, overlijden en jubileum van bloed- en aanverwanten van de leerplichtige tot en met de vierde graad. Bij een jubileum is er sprake van 12½, 25, 40, 50 of 60 jaar. Hiervoor wordt maar één dag vrijgegeven. Indien er een lange afstand moet overbrugd worden, krijgt men 1 extra dag verlof.
  • Verhuizing van het gezin, waartoe de leerplichtige behoort.
  • Voor andere naar het oordeel van de directeur belangrijke redenen, maar geen vakantieverlof.

Alle aanvragen die meer dan tien schooldagen betreffen moeten in ieder geval aan de leerplichtambtenaar worden voorgelegd.

Opmerking: Bij overlijden (of ernstige ziekte) hoeft u van ons geen schriftelijk verzoek in te dienen.

Vrijvragen om extra vakantie

Verzoeken om ontheffing van de leerplichtwet in verband met extra vakantiedagen moeten eveneens schriftelijk en duidelijk gemotiveerd worden ingediend. De directie behandelt deze verzoeken, waarna de betrokkenen schriftelijk antwoord krijgen.

Op welke gronden worden bovenstaande verzoeken goedgekeurd?

  • Ziekte van één van de ouders tijdens de gezinsvakantie. (doktersverklaring noodzakelijk)
  • Aantoonbare verplichte bedrijfsvakantie. (werkgeversverklaring noodzakelijk)
  • Wanneer een zelfstandig ondernemer door zijn werkzaamheden niet in staat is om tijdens de schoolvakanties zijn vakantie op te nemen.

Wanneer wordt een verzoek afgewezen?

  • Bij een tweede vakantie. Men is immers tijdens de schoolvakanties in de gelegenheid om op vakantie te gaan.
  • Een lang weekend weg.
  • De wens om één of meerder dagen eerder met vakantie te gaan of later terug te komen.
  • Aangeboden vakantiereizen, die binnen de familiesfeer vallen.

De directeur is verplicht de leerplichtambtenaar mededeling te doen van ongeoorloofd schoolverzuim. Tegen die ouders, die hun kind(eren) zonder toestemming van school houden kan proces-verbaal worden opgemaakt.

Gemeente Krimpenerwaard Sociaal Domein / Bureau leerlingzaken

Voor zaken betreffende het onderwijs kunt u zich richten tot afdeling Sociaal Domein van de gemeente Krimpenerwaard, tel: 140182.

Voor leerplichtzaken kunt u terecht bij:

Bureau leerlingzaken

Postbus 1086

2800 BB Gouda

(0182) 588586

www.leerlingzakenmh.nl

info@leerlingzakenmh.nl

 

Zorgbeleid

Zorg voor alle kinderen

Kinderen vanaf groep 3 worden op de voet gevolgd d.m.v. een leerlingvolgsysteem op cognitief gebied (Parnassys) en sociaal-emotioneel gebied (Zien) en eventuele, aanvullende observaties. Voor de kleuters gebruiken we een aantal observatielijnen uit het model ‘Kijk’. De leerkracht speelt bij het observeren een belangrijke rol. Ook de IB-er kan observaties verrichten na overleg met leerkrachten en/of ouders.

Met onze leerlingvolgsystemen houden wij de leerprestaties en de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen nauwkeurig bij, zodat we snel kunnen helpen als zich een probleem voordoet. Ook worden de toetsgegevens van het CITO bewaard in ons geautomatiseerde systeem.

Het systeem biedt de mogelijkheid om de vorderingen over meerdere jaren te volgen en te vergelijken met andere vergelijkbare kinderen in het land.

In de groepen 3 t/m 5 wordt op vaste momenten bij de kinderen in alle groepen nagegaan hoe hun ontwikkeling is op een aantal gebieden. Het systeem geeft aan wat de kinderen op een bepaald moment moeten kunnen en kennen. Wanneer een kind nog niet aan de norm voldoet, weet de leerkracht dat er extra aandacht gegeven moet worden, zodat bij een volgende toetsing het kind wel deze voorwaarden beheerst.

Op sociaal emotioneel gebied wordt er 1 tot 2x per jaar door de leerkracht een profiel ingevuld. Tevens vullen de leerlingen vanaf groep 5 ook een profiel in.

Deze profielen worden in oktober met de ouders besproken.

Vier keer per jaar is er een groepsbespreking met de IB-er en daarop volgend een leerlingbespreking indien er opvallende zaken voor een specifieke leerling zijn.

Individuele plannen worden voor kinderen gemaakt wanneer ze een onvoldoende score halen op de niet-methodetoetsen of als het op sociaal-emotioneel gebied noodzakelijk is.

Een ontwikkelingsperspectief wordt opgesteld wanneer dit wenselijk is. Bijvoorbeeld bij leerlingen met een eigen leerlijn voor bepaalde vakgebieden.

Verder werken we op school met groepsplannen waarin alle leerlingen een plek krijgen om te werken aan specifieke doelen. Deze groepsplannen gaan niet mee naar huis omdat dit de normale manier van werken is geworden sinds we Handelings Gericht Werken hebben ingevoerd (HGW).

Onze school beschikt over onderwijsassistentie. Deze wordt ingezet ten gunste van individuele kinderen maar ook voor de hele groep. De leerkracht heeft in het laatste geval dan de handen vrij om andere kinderen te ondersteunen.

Mochten er desondanks nog problemen zijn, dan wordt er in samenspraak met de IB besloten tot extra observatie door de IB-er of door externen om goede hulp te kunnen geven. Bij externe hulp worden ouders altijd op de hoogte gesteld.

Meerbegaafden

Ieder kind is uniek. Van deze gedachte uitgaand, willen we ook ieder kind de gelegenheid geven zich te ontplooien op zijn/haar eigen wijze. Ook de meerbegaafde leerlingen krijgen bij ons op school een eigen plaats. Begaafdheid is een eigenschap. Deze eigenschap kan zich verder ontwikkelen, maar is afhankelijk van zowel factoren in de persoon zelf als factoren van buitenaf (school en thuissituatie).

We maken op school een onderscheid tussen intelligente en begaafde leerlingen. De intelligente kinderen krijgen verminderde reguliere stof, maar ook verdieping en verbreding. De begaafde leerlingen krijgen, indien gewenst, een handelingsplan. Daarnaast werken we één keer per week met de MAAD-groep (met anderen anders denken). Kinderen worden n.a.v. bepaalde criteria hiervoor toegelaten. In deze MAAD-groep zitten leerlingen uit de groepen 6 t/m 8. Er wordt hier gewerkt aan opdrachten waar in de reguliere groep niet altijd tijd voor vrijgemaakt kan worden, zoals bijv. filosofie.

In de onderbouw proberen we meer d.m.v. OGO (meer oplossingen vragen, andere manieren van aanbieden) aan de behoeften van de kinderen tegemoet te komen.

Op school ligt het begaafden protocol ter inzage voor alle ouders.

Dyslexie

Onze school beschikt over een dyslexieprotocol. Hierin is de handelwijze beschreven wanneer er sprake is van hardnekkige lees- en/of spellingproblemen. Het protocol ligt ter inzage bij de IB-er. Aanvragen voor vergoeding van dyslexiebehandelingen lopen via het Sociaal team van de gemeente Krimpenerwaard.

Dyscalculie

Naast het dyslexieprotocol beschikt onze school ook over een dyscalculieprotocol. Dyscalculie betekent letterlijk ‘niet kunnen rekenen’. Het is net als bij dyslexie in feite een andere term voor ernstige en hardnekkige problemen bij het aanleren van bepaalde schoolse vaardigheden. In dit geval zijn dat problemen met het leren en vlot en accuraat oproepen en toepassen van reken- en wiskundekennis. Deze problemen worden niet veroorzaakt door een gebrek aan intelligentie of te weinig onderwijs.
Dyscalculie is een complexe stoornis omdat bij rekenen meer hersengebieden worden gebruikt, waaronder ook het taalcentrum. Een getal (bijvoorbeeld 5) bestaat uit het woord ‘vijf’, het cijfer ‘5’ en de hoeveelheid *****. Deze drie aspecten bevinden zich in drie verschillende hersengebieden. Een van deze drie speelt ook een rol bij dyslexie. Daarnaast is bij rekenen ook nog het frontale hersengebied van belang, dat een rol speelt bij planning en probleemoplossing.
Voor verdere informatie over het dyscalculieprotocol kunt u terecht bij de IB-ers.

Integratie van kinderen met een handicap

Leerlingen met een handicap geven wij in principe graag de kans om in de kleutergroep een start te maken op de ONS. Uiteraard gaan hier eerst enkele gesprekken met de ouders en met eventueel betrokken instanties aan vooraf. De school gaat hierbij uit van een hoge mate van inzet en betrokkenheid van de ouders.

• Kinderen met een handicap willen we wel een optimale ontwikkeling binnen ons onderwijs geven. Daarvoor moeten de volgende zaken geregeld zijn:

  • De leerkracht krijgt extra steun van teamgenoten;
  • De extra formatie die wordt ontvangen moet voor het kind worden ingezet, maar ook andere kinderen kunnen daar profijt van hebben;
  • De ouders en de leerkracht dienen elkaar van goede informatie te voorzien;
  • De ouders zal gevraagd zal worden om bij te springen indien nodig;
  • De Intern Begeleider is regelmatig bij het overleg over de leerling betrokken.

Steeds opnieuw zal bekeken worden of er voor dit kind nog voldoende mogelijkheden op school zijn. Het kind moet namelijk nog ontwikkeling door maken en zich veilig voelen binnen de school. Is dit niet meer of onvoldoende het geval, dan zal verwijzing naar een school voor Speciaal (basis) onderwijs overwogen worden.

Als de zorg voor een gehandicapte leerling de deskundigheid en/of de draagkracht, naar het oordeel van de directie, van de school te boven gaat, zal de school helpen zoeken naar een oplossing of een andere passende school voor het kind.

Arrangementen

Op grond van de Wet Passend Onderwijs hebben schoolbesturen de verantwoordelijkheid om voor elk kind dat extra ondersteuning nodig heeft, een zo passend mogelijke onderwijsplek te realiseren. Daar zijn extra geldmiddelen voor beschikbaar. Het samenwerkingsverband Passend Onderwijs  (Berséba) beslist over toekenning van arrangementen. Voor verdere informatie kunt u bij de IB-er terecht.

Overgangsbeleid

Herfstleerlingen

Een leerling die in oktober, november of december 4 jaar wordt, start in principe in groep 1 (volledig). Daarna wordt bij de herfstleerlingen de volgende procedure gevolgd:

  • Gesprek ouders met directeur. De vragenlijst voorschoolse periode vormt de kern van het gesprek
  • Na zes weken: schriftelijke mededeling of indien gewenst, gesprek van ouders en leerkracht. Het functioneren wordt beschreven/besproken. Evaluatie van vragenlijst voorschoolse periode aan de hand van observaties.
  • Maart/april: invullen van drie observatielijnen (taal, rekenen, sociaal-emotioneel) van het model ‘Kijk’.
  • Leerlingbespreking april: extra aandacht voor de ‘herfstleerlingen’.
  • Eind april: gesprek leerkracht met ouders. Voorlopig advies
  • Mei/juni: bij twijfel door leerkracht(en) worden de LOVS-toetsen (Cito Taal voor kleuters, Rekenen voor kleuters) afgenomen
  • Half juni: definitieve beslissing over het doorgaan naar groep 2 of het verlengen van de kleuterperiode.
  • Het advies/ de beslissing van school is en blijft bindend!

Criteria zijn: toetsresultaten, observaties ‘Kijk-lijn’ (is het kind op het niveau passend bij zijn/haar ontwikkeling) welbevinden, motivatie, zelfstandigheid, taakgerichtheid, zelfvertrouwen, concentratie, sociale vaardigheid, emotionele ontwikkeling en motoriek.

Instroomgroep (groep 0)

Alle leerlingen die na 1 januari op school komen, krijgen op vier morgens (maan-, dins-, donder- en vrijdag) een plaats in de instroomgroep. Deze groep wordt gevormd wanneer er voldoende leerlingen in die periode op school komen. Mocht dit aantal te laag zijn, dan kunnen de kinderen (tijdelijk) instromen bij de reguliere groep 1. Een leerling is welkom op de eerste schooldag na zijn/haar verjaardag. Ook voor deze kinderen vullen de ouders een vragenformulier voorschoolse periode in en rapporteert de leerkracht na ongeveer zes weken aan de ouders.

Van groep 1 naar 2

De ontwikkeling van leerlingen in de reguliere groep 1 wordt ook voortdurend gevolgd. Mocht er sprake zijn van bovengemiddeld scoren, dan zal samen met de ouders en de IB-er bekeken worden welk traject voor de leerling het beste is. Hierbij zal de component sociaal welbevinden mede een rol spelen. Tot nu toe hebben de meeste overgangen plaatsgevonden rond de herfst- of kerstvakantie.

Gaat het niet goed met een leerling, dan zal er gekeken worden of een jaar extra kleuteren beter is voor een leerling. Dit zal altijd in overleg met de ouders besproken worden. Het beslisformulier overgang wordt hierbij ingevuld.

Groep 2 naar groep 3

Mocht uit observaties blijken dat het kind in groep 2 op alle ontwikkelingsgebieden bovengemiddeld scoort en kan lezen, dan zal de leerkracht zelf met de ouders contact opnemen om een eventuele overgang halverwege het schooljaar naar groep 3 te bespreken.

Ook bij twijfel over de overgang van groep 2 naar groep 3 wordt vroegtijdig contact opgenomen. Naast observaties, werkjes en toetsen gebruiken we het beslisformulier overgang en de toetsen groep 2 van Struiksma/van der Ley.

Van groep 3 naar groep 4

Kunnen lezen is een basisvoorwaarde om het onderwijs in de volgende groepen goed te kunnen volgen. Voor eind groep 3 is het streefdoel het beheersen van CITO-AVI E3. Bij het niet beheersen van CITO-AVI E3 is een herhaling van groep 3 soms nodig. In dergelijke gevallen kijken we bijvoorbeeld naast factoren als leerhouding en contact met andere leerlingen in de groep ook naar de mate waarin het automatiseren van splitssommen wordt beheerst.

Ouders worden betrokken bij het hulp geven aan hun kinderen op het gebied van lezen. We verwachten dat alle ouders hun kinderen thuis stimuleren en helpen om te leren lezen door onder andere voor te lezen, de thuisboekjes te laten maken en actief te oefenen met letters en woorden.

Doubleren/Versnellen

De wet op het Primair onderwijs schrijft voor dat ieder kind recht heeft op een ononderbroken ontwikkeling. In principe doorlopen leerlingen de basisschool in 8 jaar.

Het onderwijsaanbod van de school is er op gericht dat uw kind aan het eind van het schooljaar over gaat naar de volgende groep. Soms is sprake van grote (leer)achterstanden op diverse vakgebieden en/of problemen op het sociaal-emotionele vlak. Daardoor kunnen de resultaten en de ontwikkeling van een kind opvallend achterblijven bij die van klasgenoten. Het leerprogramma voor dat kind kan dan worden aangepast d.m.v. een eigen leerlijn. Het betreft dan een achterstand van meer dan anderhalf jaar op één of meerdere vakgebieden en de leerling heeft meerdere handelingsplannen gehad. Een doublure is in dit geval niet (meer) aan de orde. Ook is de leerling dan al besproken in leerlingbespreking(en) en hebben er oudergesprekken plaats gevonden. Bovendien start de eigen leerlijn na onderzoek ( IQ en/of aanvullend onderzoek). In principe geldt een eigen leerlijn voor leerlingen vanaf 8 á 9 jaar.

In een heel enkel geval kan er aanleiding zijn dat er geen andere mogelijkheid is dan te kiezen voor een groepsverlenging. (Voor kinderen, die b.v. regelmatig ziek zijn (geweest) of zich door problemen thuis en/of op school minder hebben ontwikkeld dan op grond van hun capaciteiten verwacht mag worden, kan een doublure een goede oplossing zijn.)

De uiteindelijke beslissing over het al dan niet overgaan naar de volgende groep wordt, op grond van de aanwezige gegevens zoals rapporten en onderzoeksverslagen, genomen door de schoolleiding. Deze wordt daarbij geadviseerd door groepsleerkracht(en) en de interne begeleiding. Vanzelfsprekend wordt u als ouder vanaf het begin intensief bij de besluitvorming betrokken.

Het schoolbeleid is om kinderen alleen in bijzondere gevallen te laten doubleren. Dit zal met name in de kleutergroepen of groep 3 en 4 plaatsvinden. Ook hier geldt dat het welbevinden van het kind de eerste prioriteit heeft. Laten doubleren in lage groepen kan voorkomen dat een kind jarenlang op zijn of haar tenen moet lopen. In voorkomende gevallen stelt de leerkracht de ouders vroegtijdig op de hoogte van de zorgen.

Naast een groepsverlenging kennen wij ook de groepsversnelling. Hiervan is sprake als uw kind, op grond van resultaten, onderzoek en observaties naar de mening van de school, het aan kan vervroegd door te stromen naar de volgende groep. Ook dan volgen we een zorgvuldige procedure. Uiteraard gebeurt ook dit in nauw overleg met u.

Bij iedere vorm van versnelling is het welbevinden van het kind het eerste uitgangspunt. Hij of zij moet de overgang naar de volgende groep in meerdere opzichten aankunnen. Bij de beslissing betrekken we daarom ook factoren als leerresultaten, leerhouding en de omgang met de leeftijdsgenoten.

In plaats van versnellen denken we in eerste instantie aan het verbreden of verdiepen van het leerstofaanbod.

Zwemonderwijs

Zwemprotocol

De Schoolvereniging heeft samen met de Stichting Vlister Openluchtbaden een protocol vastgesteld waarin de onderlinge taken en verantwoordelijkheden opgenomen zijn. Dit om de veiligheid van de leerlingen zoveel mogelijk te waarborgen. Voor de school geldt dat zij verantwoordelijk is voor het halen en brengen van de leerlingen, het ordelijk verloop van omkleden en douchen en het overdragen van de leerlingen aan de zweminstructeurs. In overleg met het zwembadpersoneel houdt de leerkracht ook toezicht tijdens de zwemles. In het kort komt het er op neer dat het zwembadpersoneel slechts aansprakelijk is op het moment dat de leerlingen zich in het water bevinden.

Kwaliteit

Net als andere scholen is onze school zelf steeds meer actief bezig met het bewaken en uitbouwen van de kwaliteit van het gegeven onderwijs.

Aan de hand van de kwaliteitskaarten van WMK brengen we stapsgewijs onze kwaliteit in kaart en stellen we doelen.

Binnen onze school evalueert de intern begeleider de leeropbrengsten en bespreekt deze met de directie. Aan de hand van deze evaluaties ondernemen we als team, indien nodig, acties. Voorbeelden hiervan zijn meer onderwijstijd voor spellingonderwijs op het gebied van werkwoorden, intensievere inzet van het spellingcomputerprogramma bij de taalmethode, het gebruik van een programma woordenschatvergroting, verhogen lestijd Engels en aanschaf van nieuwe methoden.

Eens in de vier jaar krijgen de ouders een uitgebreide enquête voorgelegd. Ook vragen we de leerlingen van groepen 5 t/m 8 jaarlijks naar hun ervaringen.

Het bestuur laat van tijd tot tijd op bepaalde beleidsterreinen een externe audit uitvoeren.

Schoolinspectie

Behalve de interne kwaliteitsmetingen bevraagt ook de Inspectie van het onderwijs en het samenwerkingsverband Passend Onderwijs (Berséba) onze school op de behaalde resultaten en het schoolklimaat.

Inspectie van het onderwijs

info@owinsp.nl

www.onderwijsinspectie.nl

Vragen over onderwijs: 0800 8051

Lesuitval

Schoolverzuim door het uitvallen van lessen wordt vanzelfsprekend zoveel mogelijk voorkomen door extra inzet van eigen leerkrachten, directie en invallers. Samenvoegen van groepen of verdelen van leerlingen over andere groepen is binnen onze context, organisatorisch en praktisch meestal niet haalbaar. Daarom kan het gebeuren dat leerlingen vrij krijgen. Wanneer dit voor een middagdeel geldt, krijgen de leerlingen een briefje van de directie mee naar huis en wordt een mail naar de ouders verstuurd. Is de lesuitval ’s ochtends al bekend, dan wordt de telefooncirkel door de directie in werking gezet en wordt er ook een mail naar de ouders verstuurd. Mochten leerlingen thuis of elders niet opgevangen kunnen worden, dan zijn zij altijd welkom op school.

Overige protocollen en beleidsstukken

Er zijn over andere onderwerpen ook beleid of afspraken gemaakt. Deze kunt u hier vinden.

 

 

 

Delen: